Muziek studie: Ritme

Om gedenkwaardige melodieën te schrijven is het goed als je weet hoe ritme werkt en hoe je het kan gebruiken in je tracks. 

Ritmes kunnen snel ingewikkeld worden, maar als je een paar basisbegrippen kent kom je al een heel eind. 

De meeste muziek is op een systematische manier onderverdeeld in tijdseenheden: maten. Deze maten volgen elkaar op in een vooraf afgesproken tempo. Althans, dat is de theorie. 

In de praktijk is ritme een groove, samenspelen. Het is hoe de muziek zich door de tijd beweegt. 

Om de duur van een noot te noteren is er ritmenotatie. 

Een hele noot geeft de langste waarde weer. Deze kan worden onderverdeeld in halve noten, kwarten, achtsten, zestienden en zo verder. 

Een halve noot duurt de helft van een hele noot. Een kwartnoot duurt de helft van een halve noot, een achtste de helft van een kwart enzovoorts enzovoorts. 

Deze noten kunnen elkaar in elke willekeurige volgorde opvolgen om verschillende ritmes weer te geven. 

De meeste muziek heeft een onderliggende puls die het tempo aangeeft. Deze puls kan je onderverdelen in maten. In westerse muziek gebruiken we een maatsoort om aan te geven hoe deze onderverdeling is gemaakt. 

De puls wordt weergegeven als een soort breuk. Die breuk geeft het aantal noten aan per maat, en in welke noot de teleenheid is. 

De meest gebruikelijke maatsoort is een 4/4 maat. Een 4/4 maat heeft 4 accenten in een maat, en die accenten worden geschreven als kwartnoten. Een 4/4 maat heeft 4 kwartnoten. 

Er zijn uiteraard veel meer maatsoorten mogelijk. Denk aan de track Tolerate it van Taylor Swift: die is geschreven in 5/4, waarbij er is 5 accenten in een maat zitten. Of aan Nothing Else Matters van Metallica: in 6/8. Een 6/8 maat heeft 6 accenten van de lengte van een achtste noot in elke maat. 

Om contrastrijke ritmes te schrijven is het belangrijk als je het verschil tussen lichte en zware maatdelen kent. 

Een 4/4 maatheeft doorgaans het zware maatdeel op de eerste en op de derde tel. Denk aan waar bij een simpele beat de kick en de snare zitten. KICK – hat – SNARE – hat, of EEN – twee – DRIE- vier. 

Een 3/4 maat heeft het zware maatdeel alleen op de eerste tel. EEN – twee – drie – EEN – twee – drie. 

Elk ritme kan worden onderverdeeld in groepjes van twee of drie. 

Door te spelen met accenten náást zware maatdelen creëer je ritmisch contrast en benadruk je de backbeat. 

Het helpt enorm om te begrijpen hoe ritmische structuren in elkaar zitten. Als je een ritme niet meteen begrijpt, schroom niet om je handen er bij te pakken het simpelweg te klappen. Ritme is fysiek, net als dansen. Je moet het voelen, en hoe meer je het voelt, hoe beter je wordt. 

EnglishFrançais