Muziek productie – Mixing met compressie

Naast EQ is de tweede meest gebruikte tool waarschijnlijk de compressor. Omdat we jammer genoeg (of juist gelukkig?) onze muziek niet oneindig hard kunnen maken, of omdat sommige instrumenten in heel korte tijd van heel zacht naar heel hard kunnen gaan, gebruiken we compressors. 

Een compressor is een tool om het dynamisch bereik van een geluid te beheersen. Dit kan je doen door het luidste gedeelte zachter te maken (downwards compression) of hard zachtste gedeelte luider (upwards compression). 

Laten we met een belangrijk voorbeeld beginnen: vocals. Als je naar de waveform van een vocal kijkt kan je gelijk zien dat het dynamisch bereik van een zanger erg groot is. Dat betekent dat de vocals in een mix op sommige plekken er volledig overheen zal knallen en op andere momenten totaal zal verdwijnen omdat hij simpelweg te zacht is. Om de vocal consistent en hoorbaar te maken gebruik je compressie. 

Met de compressor maak je het luidste gedeelte van de vocal zachter. In feite wordt daarmee de gehele vocal zachter. Maar de laatste stap is om de hele partij vervolgens terug te brengen naar het oude level. In feite heb je daarmee de hele vocal part luider gemaakt. 

Een compressor heeft verschillende parameters die je aan moet passen om hem zijn werk te laten doen. 

Allereerst de threshold: misschien wel de belangrijkste setting die je als eerste instelt. Deze bepaalt vanaf welk volume level de compressor begint te werken. Dit wordt doorgaans uitgedrukt in +/-. Bij een threshold van -20 dB begint een compressor te werken als de vocal harder wordt dan -20 dB. 

Ratio: de ratio bepaalt hoe hard de je de compressor laat werken als de threshold is overschreden. Bij een ratio van 2:1 zal voor elke 2 decibel over de 

threshold maar 1 decibel daadwerkelijk door laten gaan. Voor een ratio van 4:1 laat de compressor voor elke 4 decibel over de threshold maar 1 decibel door. 

Met andere woorden: hoe hoger de ratio, hoe harder de compressor werkt. 

Gain Reduction (of GR): dit is geen knop om aan te passen, maar een meter die weergeeft hoeveel compressie er daadwerkelijk wordt toegepast. 

Attack: weergegeven in milliseconden (ms) bepaal je hiermee hoe snel de compressor begint te werken nadat de threshold is overschreden. Een snelle attack zal de eerste peak al direct compressen. Een langzame attack begint vaak pas na een eerste peak te werken. Op deze manier kan je bijvoorbeeld de punch of de transient van een geluid extra benadrukken. 

Release: eveneens in milliseconden bepaalt dit hoe lang de compressor door blijft werken nadat het geluid weer onder de threshold is gekomen. Een te snelle release kan resulteren in een ‚pompend’ geluid. Een langzame release klinkt vaak natuurlijker, maar kan ook als gevolg hebben dat de compressor te lang door gaat werken. 

Compressie heeft een lange leerweg voor je uiteindelijk echt hoort wat je zoekt. Maar als je eenmaal daar bent, wees niet bang om out of the box te denken met extreme settings, die vaak interessante resultaten kunnen opleveren. 

Om meer te lezen over muziekproductie en hoe u het proces van het ontwikkelen, creëren en verfijnen van opgenomen muziek kunt verbeteren, bezoekt u onze kennisbankpagina Music Production Education.

EnglishFrançais